• darkblurbg

Faalangst

Faalangst doet zich voor bij bepaalde taken die je jezelf stelt: je bent bang ergens in te mislukken. Zodra zo’n taak voorbij is, verdwijnt ook de angst. De angst keert echter weer terug wanneer je voor dezelfde taak staat. Als angst niet gekoppeld is aan bepaalde taken of opdrachten, is er geen sprake van faalangst, hoewel het er soms op kan lijken. Faalangst verschilt daarmee van andere vormen van angst. Onder faalangst wordt dus simpelweg verstaan: de angst om te falen. Dit is op zich niet negatief, ieder mens is tot op zekere hoogte bang om te falen. Bij faalangst is er echter sprake van irrationele angst, die niet in verhouding staat tot de gestelde taak of opdracht.

Als iemand last heeft van faalangst gaat het hart sneller kloppen en neemt de bloed- en zuurstoftoevoer naar armen, handen, benen en voeten toe. Daardoor krijg je warme of koude handen en begin je te zweten. Andere lichamelijke verschijnselen zijn verkramping van de maag, droge lippen en trillen of bibberen. Ook moet je vaak nodig naar het toilet. De spanning verhoogt de ademhaling, wat kan leiden tot benauwdheid en in het uiterste geval verlies van bewustzijn door hyperventilatie. Bij extreme vormen van faalangst kan totale lichamelijke verkramping optreden.

Het belangrijkste en vaak vervelendste is echter dat je door faalangst niet meer goed in staat bent helder na te denken: je denkvermogen blokkeert. Dit zorgt ervoor dat de resultaten uitblijven of sterk tegenvallen. Normaal gesproken is het niet zo erg als iets een keer mislukt, maar naarmate het aantal mislukte pogingen toeneemt, groeit de faalangst. Daardoor wordt het telkens moeilijker dezelfde taak succesvol af te ronden.

Faalangst is onder te verdelen in de volgende drie groepen:

  • Cognitieve faalangst – Cognitie is ons kenvermogen ofwel leervermogen. Mensen met cognitieve faalangst vinden het moeilijk te laten zien wat ze aan kennis hebben opgedaan. Dit is de meest bekende vorm van faalangst. Mensen met cognitieve faalangst denken bijvoorbeeld voor een examen dat ze het niet zullen halen, terwijl ze wel goed zijn voorbereid. Soms faalt de persoon in kwestie dan ook daadwerkelijk, door de bijverschijnselen van de faalangst. Dit brengt dan bevestiging, wat de faalangst in stand houdt of zelfs sterker maakt.
  • Sociale faalangst – Dit treedt op in contact met anderen. Iemand met sociale faalangst blokkeert van angst tijdens bijvoorbeeld het toespreken van een groep, bij het ontmoeten van onbekenden, of in een gewoon gesprek. Zowel verlegenheid als sociale fobie hebben raakvlakken met sociale faalangst.
  • Motorische faalangst – Hieronder wordt de angst om het lichaam te gebruiken verstaan. Dit treedt vooral op wanneer de druk van het lichamelijk moeten presteren groot is, bijvoorbeeld wanneer een voetballer een strafschop moet nemen, of bij kinderen tijdens gymnastiek. De spanning tijdens dergelijke momenten is zo hoog dat de spieren samentrekken en het lichaam letterlijk stijf staat van de faalangst. Hierdoor is het lichaam minder goed te gebruiken, wat wederom voor bevestiging van de angst zorgt.

Fobie 

Het woord fobie komt van het Griekse woord ‘fobos’, dat vlucht of angst betekend. Fobieën worden dan ook altijd gerekend als angststoornis. Dat wil zeggen dat fobische mensen gebukt gaan onder irreële, ongezonde angsten. Ieder mens heeft gezonde angst in zich, het waarschuwt ons voor gevaar. Iemand die aan een fobie lijdt heeft echter last van ongezonde angsten, voor specifieke zaken of situaties. Hierin onderscheidt een fobie zich van andere angststoornissen: de angst is altijd op iets gericht, wat dat ‘iets’ ook is. Deze angsten zijn zo extreem, dat ze leiden tot het vermijden en ontvluchten van situaties die de angst kunnen oproepen.

De zaken waar iemand met een fobie bang voor is, zijn in werkelijkheid niet gevaarlijk. Dat de angst dus ongegrond is, zien fobische personen over het algemeen zelf ook in. De fobie neemt echter in de angst situaties de overhand: alle ratio verdwijnt en het angstgevoel domineert alles. Naarmate iemand zich meer en meer overgeeft aan een fobie, worden er steeds meer situaties ontweken en ontvlucht. De fobie neemt zo een grotere rol aan en vormt een belemmering in het dagelijks leven.

De gevolgen van een fobie kunnen verstrekkend zijn. Hier volgt een samenvattende lijst:

  • Angst – Het meest duidelijke gevolg van een fobie is natuurlijk angst. In situaties waar de fobie aan verbonden is, kan de angst zelfs omslaan in paniek. Bij een fobie is er echter ook vaak sprake van verwachtingsangst. Het vooruitzicht van een dergelijke situatie zorgt dan al voor spanning en vrees.
  • Vermijding – Hoe sterker de fobie, hoe meer de patiënt geneigd is tot het vermijden van situaties die betrekking hebben tot de fobie. Door het vermijdingsgedrag speelt de fobie een grote rol in het alledaags leven: ook als er geen sprake is van fobische situaties is men ermee bezig. Tegelijkertijd is het bijna nooit mogelijk om alle angstsituaties uit de weg te gaan. Als dat toch lukt, is de kans groot dat de keuzevrijheid en het sociaal leven hieronder lijdt. Uiteindelijk kan men hierdoor in een sociaal isolement terecht komen. Dit maakt vermijden tot een ongezond gevolg van een fobie, in plaats van een oplossing.
  • Verslaving – Voor wie last heeft van een fobie, kan het soms aantrekkelijk zijn toevlucht te zoeken in alcohol, drugs, of kalmerings- en slaapmiddelen. Het nadeel van deze middelen is dat zij de angst niet wegnemen, maar enkel voor korte tijd onderdrukken. Langdurig gebruik leidt zo tot verslaving, met alle lichamelijke bijwerkingen en sociale gevolgen van dien!
  • Eigenwaarde – Een fobie kan mensen beletten hun leven te leiden zoals zij dat willen. Dat leidt tot een onvrij gevoel. Ook anderen, bijvoorbeeld vrienden of een partner, kunnen een ander beeld van de persoon vormen. Dit alles kan een vaak negatieve verandering in het zelfbeeld tot gevolg hebben.